Mentoraat

Voor elke leerling is een leraar aangewezen, speciaal belast met de begeleiding van die leerling. Vier jaar lang houdt de leerling deze mentor. We hopen, dat er een relatie ontstaat tussen mentor, leerling en ouders. De mentor kent lief en leed van zijn leerlingen en kan inspringen als er moeilijkheden dreigen. Op deze wijze is het voor ouders gemakkelijker om problemen met de mentor te bespreken. De leerling mag alle moeilijkheden aan zijn mentor voorleggen.

De mentor legt in het eerste jaar een kennismakingsbezoek af. In het derde leerjaar komt de mentor langs in verband met de keuze van het vakkenpakket in de examenklas.
Elke leerling komt minstens één keer per maand bij de mentor om over de studieresultaten te praten.
Vakleerkrachten voeren waarderingen tav werkhouding en materiaalgebruik in het digitale PTA in. Deze aantekeningen kunnen een aanwijzing zijn, dat het op school niet van een leien dakje gaat. Als b.v. het huiswerk regelmatig niet in orde is, wordt dit in het PTA aangegeven. Deze opmerkingen en de cijfers vormen de basis van de gesprekken van de mentor met leerlingen en ouders.


Zorgteam

De begeleiding van de leerlingen ligt in handen van de mentor en het zorgteam. Dit team bestaat uit de coördinatoren, decaan, remedial teacher, directeur, schoolmaatschappelijk werker, pastor en de schoolverpleegkundige van de GGD.

Het team bereidt de rapportenvergaderingen voor en brengt advies uit aan de lerarenvergadering. Een belangrijke taak voor het zorgteam is het signaleren van leer- en sociaal-emotionele problemen bij leerlingen. Na signalering wordt een concrete hulpvraag geformuleerd. Door middel van een handelingsplan stuurt het team een leerkracht of instantie aan. Na elk rapport of tussenrapport vindt er evaluatie plaats.